Beslissingen College van Beroep 2021 - Gesubsidieerd Vrij Onderwijs

2021 - 6pdf bestandCvB-GVO-2021-06.pdf (104 kB)

Feit:

evaluatie

Beslissing:

evaluatie met eindconclusie onvoldoende

Beslissing in beroep:

8 december 2021 – het college van beroep neemt akte van de afstand van het beroep

Grond van de zaak:

De Kamer van het College van Beroep stelt vast dat het beroep geen voorwerp meer heeft en neemt akte van de afstand van het beroep.

 

2021-5pdf bestandCvB-GVO-2021-05.pdf (181 kB)

Feit:

evaluatie

Beslissing:

evaluatie met eindconclusie “ongunstig”.

Beslissing in beroep:

13 oktober 2021 – Het beroep is onontvankelijk.

Grond van de zaak:

Gezien de Kamer van het College van Beroep in casu niet bevoegd is om te oordelen over het beroep, spreekt zij zich niet uit over de grond van de zaak.

 

2021-4pdf bestandCvB-GVO-2021-04.pdf (156 kB)

Feiten:

evaluatie

Bestreden beslissing:

evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’

Beslissing college van beroep:

8 september 2021 – het college van beroep vernietigt de evaluatie met als eindconclusie ‘onvoldoende’

Grond van de zaak:

De motivatie van het beroepschrift betreft een procedurele en inhoudelijke argumentatie. Het College van Beroep beslist om eerst het procedurele luik te behandelen.

Verzoeker werpt op dat het evaluatieverslag d.d. 21 juni 2021 de beroepsmogelijkheden niet vermeldt.

Artikel 47decies §2 laatste lid van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de

rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding stelt: “een evaluatieverslag met eindconclusie ‘onvoldoende’ moet op straffe van nietigheid steeds de

beroepsmogelijkheden vermelden.”

Verzoekende partij meent dat het evaluatieverslag om die reden nietig moet worden verklaard.

Verwerende partij erkent dat op het evaluatieverslag de beroepsmogelijkheden niet worden vermeld. Zij kan hiertoe geen aanvaardbaar excuus aandragen.

Het college van beroep verwijst naar haar vaste rechtspraak nl. dat het niet vermelden van de beroepsmogelijkheden tot een vernietiging van de evaluatie leidt. Omdat de afwezigheid van het vermelden van de beroepsmogelijkheid reeds de nietigheid van de evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’ tot gevolg heeft, worden de andere door de partijen aangebrachte argumenten door het College van Beroep niet onderzocht.

 

2021-3pdf bestandCvB-GVO-2021-03.pdf (131 kB)

Feiten:

evaluatie

Bestreden beslissing:

evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’

Beslissing college van beroep:

26 augustus 2021 – het college van beroep vernietigt de evaluatie met als eindconclusie ‘onvoldoende’

Grond van de zaak:

De motivatie van het beroepschrift betreft een inhoudelijke argumentatie. Verzoeker stelt dat de eerste evaluator haar nooit heeft zien lesgeven en dat de evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’ gestoeld is op één klasbezoek, dat in opdracht van de evaluator door een collega werd uitgevoerd.

Er was tijdens de evaluatieperiode geen enkel contact met haar eerste evaluator om haar functioneren te bespreken; de verzoeker sprak enkel met haar coach/mentor. Het evaluatiegesprek van 4 juni 2021 was het eerste gesprek met haar evaluator. De evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’ kwam geheel onverwachts.

De verzoeker herkent zich bovendien inhoudelijk niet in de beschrijving van haar functioneren en wenst voorbeelden te ontvangen van de vermelde werkpunten.

De verwerende partij geeft in het verweerschrift geen verdere antwoorden of verklaringen bij de vragen die in het beroepschrift naar voor komen. Door haar afwezigheid op de hoorzitting kan de verwerende partij de verklaringen van de verzoekende partij op de hoorzitting niet tegenspreken zodat het college van beroep die voor waar moet aannemen.

 

2020-02 pdf bestandCVB-GVO-02-2021.pdf (166 kB)

Feiten:

evaluatie

Bestreden beslissing:

evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’

Beslissing college van beroep: 

26 augustus 2021 – het college van beroep gesubsidieerd vrij onderwijs vernietigt de evaluatie met eindconclusie ‘onvoldoende’

Grond van de zaak:

Het College van Beroep is van oordeel dat er op procedureel vlak geen substantiële fouten werden gemaakt. Het College meent wel dat de evaluatieperiode i.c. bijzonder kort was; het gaat slechts om momentopnames. Op die manier acht het College het niet redelijk dat er voldoende kans tot remediëren geboden werd. Op zich is het positief dat er coaching opgestart werd, de korte looptijd hiervan zorgt er echter voor dat er redelijkerwijs onvoldoende resultaten konden behaald worden door de coaches. De algehele kwaliteit van opvolging en remediëring stelt het College i.c. teleur.

Het College van Beroep stelt bovendien vast dat er nog werkpunten zijn waaraan het personeelslid op vlak van haar functioneren dient te schaven. Deze werkpunten hadden in dit evaluatieproces echter vroeger moeten geformuleerd worden door de evaluatoren, zodat het personeelslid voldoende tijd en kansen geboden werd om hieraan te remediëren. Samen met de coaches stelde de directie vast dat de periode van coaching te kort was, maar dat er tevens verbeteringen vast te stellen waren. Het College acht het in die zin dus onzorgvuldig dat er drie dagen later – onverwachts – een evaluatieverslag met eindconclusie ‘onvoldoende’ wordt opgemaakt.

 

2021-1pdf bestandCvB-GVO-2021-01.pdf (180 kB)

Feit:

ontslag

Beslissing:

ontslag

Beslissing in beroep:

28 april 2021 – Het beroep is onontvankelijk.

Grond van de zaak:

Gezien de Kamer van het College van Beroep in casu niet bevoegd is om te oordelen over het beroep, spreekt zij zich niet uit over de grond van de zaak.